De nieuwe constructie van een fiddle yard

Door Peter Giling

Dit is de stap voor stap uitleg, hoe de nieuwe fiddle yard tot stand komt.

Nieuwe ontwerp, nieuwe ideeen

Een fiddle yard is niet, zoals de meeste trein hobbyisten denken, iets voor grote banen en/of grote shows.
Dat is ver naast de realiteit, want de ruimtebesparing ten opzichte van een gewoon schaduw station is ver meer de 50%.

Ruimtebesparing

Het grootste voordeel zit in het feit dat de rails vlak naast elkaar kunnen worden geplaatst, en het ontbreken van wissels.
Bij een normaal schaduw station nemen juist die wissels enorm veel ruimte in beslag,
en moet door die wissels de afstand tussen de rails tamelijk groot worden gehouden.
Gaan we uit van het HO-voorbeeld hier, dan zijn er 12 rails van elk 2,30 m lengte dat is totaal 27,6 meter om treinen te plaatsen.
De rails kunnen , omdat er geen bochten en/of wissels nodig zijn, op 40 mm hart afstand worden geplaatst,
wat dus een totale breedte van 0,48 meter is.
De oppervlakte die nodig is bedraagt dus 0,48 x 2,3 = 1,1 m2.

besparing in wissels

Daarbij zijn er dus 22 wissels en 22 wisselaandrijvingen uitgespaard, met ook 22 stuks wisselaandrijvingen en wisseldecoders.
Een gewoon schaduw station, met ook 12 rechte stukken van 2,3m, is de breedte minimaal 12 x 64,6mm is 77,5 cm.
De lengte wordt ruim 5,5 meter, vanwege alle wissels die erbij komen. Total oppervlakte dus 5,5 x 0,775 = 4,26 m2. Dat is 4 x zoveel!

De electronische besturing

Voor het besturen van de beweging is ook nieuwe electronica beschikbaar.
Het concept daarvan wordt uitgebreid beschreven in GCA145.
Die unit, gemaakt voor de aandrijving van een stappen motor, en een goed stukje mechanische aandrijving is alles wat we nodig hebben.

Het onderstel

Voor het onderstel wordt multiplex gebruikt van 12 mm dikte. Er wordt met grote gaten zaag flink wat materiaal weggehaald , dat de stevigheid nauwelijks beïnvloed, maar toch een behoorlijke gewichtsbesparing hoopt op te leveren.

Hier de afbeelding van de geplande tafel.

Poten op alle hoeken, die 2 aan twee met elkaar zijn verbonden, die kunnen scharnieren, en onder in de tafel weg klappen. Daardoor is vervoer en opzetten eenvoudig.

De poten aan een stevig draaipunt.

Met een slotbout, borgmoer, 2 ringen en een stukje buis dat de lengte heeft van de poot dikte, is een goed draaipunt gemaakt , dat helpt om snel op- en af te bouwen

Het aandrijfmechanisme

De aandrijving is gebaseerd op het wormwiel met tandwiel combinatie, zoals vermeld in het artikel op de MGV145 pagina.

De tamelijk sterke stappen motor komt uit een flinke tractor feed printer, en geeft een sterke en mooi langzame beweging voor de 2300 mm lange tafel.

De volgende foto's geven een impressie van de aandrijving die onder de Fiddle yard zal worden geplaatst.

De motor as is verbonden met de wormwiel as dmv een rubber slang, die de vibratie absorbeert die door de motor wordt gegenereerd.

Ook is er nog een stalen kogel in de slag gestopt, die zich vrij tussen de twee as einden bevindt.

Deze zorgt voor nog betere demping.

Ook is de motor zelf in de behuizing geplaatste in rubber tules, voor dezelfde redenen.

Een tandriem met bijbehorende tandsnaar (ook afkomstig van Conrad) wordt doorgeknipt en de beide uiteinden worden aan weerszijden van het schuivende gedeelte bevestigd.

Omdat mijn nauwkeurigheid niet echt op de 0,1 mm is als het gaat om het maken van een aluminium frame voor de aandrijving, was het eenvoudiger om de lagers waarop het grote tandwiel en het snaarwiel draaien, te bevestigen met 2 klemplaatjes elk met 3 bouten bevestigd.

Op die manier is het mogelijk door een kleine verschuiving het tandwiel heel nauwkeurig in hoogte verstellen, zodat hij netjes in het wormwiel grijpt.

Daardoor wordt ook de vrije slag tot een minimum beperkt.

Bij dit voorbeeld is die vrije slag nauwelijks waarneembaar.

Het volgende probleem wordt de beveiliging.

Omdat e.e.a. publiekelijk moet kunnen worden 'geshowd' is het niet uitgesloten dat al te nieuwsgierige kinderen met hun vingertjes beklemd dreigen te raken als de tafel beweegt.

Daarvoor moet nog een goede beveiliging worden uitgedokterd.

De spanning op de rail

De twaalf sporen hebben ieder 3 railsecties, om de computer te informeren omtrent de positie van de in- of uirijdende trein.

Dat betekent ook 3×12 contacten!

Om te voorkomen dat er veel LocoNet harware aan te pas moet komen, wil ik gewoon slechts 3 contacten naar de computer terug melden.

En omdat ik ook de andere zijde van de rails (of middenrail) wil schakelen, komt er nog een vierde contact bij.

Dat betekent dat er een 4 polige keuzeschakelaar moet komen met 12 standen.

Voor Rocrail is dat gezamelijk gebruik van contacten geen probleem.

Maar om dat nou allemaal met relais te gaan schakelen wordt veel ingewikkelder dan al die contactpunten met LocoNet verbinden.

Dus komt er een andere oplossing, die ook meer in het modelspoor plaatje past.

Ik heb een oude Marklin personenwagen van zijn wielstellen ontdaan, en die laat ik ondersteboven op (of liever dan onder) een rail rijden, die onder het bewegende deel van de FY is vastgemaakt.

De foto's zullen een en ander duidelijk maken.

De rails zitten dus onder aan het schuivende deel vast, en de wielstellen zitten in het midden aan het vaste deel bevestigd met een strip, die dmv een veer het wielstel goed tegen de rail drukt.

Dit is het onderstel ook voorzien van de bekende sleper, die dus voor twee schakelende contacten zorgt.

Van deze combinatie zijn er dus twee onder de FY bevestigd, met totaal dus de mogelijkheid van 4 schakelaars.

De rails zijn eerst op een printplaat gesoldeerd, waarna alle rails in twaalf stukken zijn gezaagd, inclusief de koperlaag.

De print zelf moet natuurlijk heel blijven.

Al die verschillende secties worden aan de rails aangesloten, met korte verbindingen, in dit geval meestal maar 5-10cm lang!

All contacten zijn alle 4 aangesloten aan de MGV145 , drie voor de railsecties en een voor de andere rail (of middencontact).


Personal Tools